zondag 26 september 2010

Een Belgisch getint weekendje ...

Terwijl ik buiten op mijn terras nog wat zit te genieten van de temperaturen die hier in Toluca voorlopig nog aangenaam genoeg zijn (zowat elke Mexicaan heeft mij hier al gewaarschuwd voor de - in zijn ogen - onmenselijk lage temperaturen in de winter), kan ik terugblikken op een wederom meer dan geslaagd weekend. Zoals jullie in één van mijn vorige posts konden lezen, zou ik zaterdag richting Ixtapan De La Sal vertrekken. Na nog eens goed lang uitgeslapen te hebben (nuja, naar Mexicaanse normen), vertrok ik vervolgens gepakt en gezakt (mits een omweg langs Toluca centrum, aangezien ik een nieuw filmrolletje nodig had) naar de winkel van mijn vader alwaar ik Vadim zou opwachten. Na een uurtje met mijn grootvader gepraat te hebben, kreeg ik dan eindelijk 'verdere instructies' van Nienke, die zelf ook in Toluca was en ons zou komen ophalen. We moesten naar 'de Liverpool', een winkelcentrum in Toluca gaan en daar zou Nienke ons te voet komen halen, waarna we met de gastzus van een Duits AFS-meisje naar Ixtapan zouden rijden. De naam 'Liverpool' kwam mij best wel bekend voor, en ik ging ervanuit dat het winkelcentrum zich ergens in het centrum van Toluca bevond, zodat Vadim en ik richting ginder begonnen te wandelen. We kwamen echter maar geen 'Liverpool' tegen, en na de exacte locatie aan een paar Mexicanen gevraagd te hebben, kregen we telkens weer hetzelfde antwoord: "Liverpool no es aqui, tienen que ir a Metepec!". Tedzu, Metepec is dan wel niet zo ver van het centrum (het is een deelgemeente van Toluca), het is wel waar Vadim woont. Hij was met andere woorden helemaal voor niets naar het centrum gekomen. Wij de taxi in, deze keer wel degelijk richting Liverpool, waar we een half uurtje later arriveerden.

Het weerzien met Nienke deed mij bijzonder veel deugd, net zoals het feit dat ik eindelijk nog eens in mijn eigen taal kon communiceren. Over mijn talen heb ik hier echter wel niet te klagen: zowel mijn Engels, als mijn Frans, als mijn Spaans zijn er de laatste weken alleen maar op vooruit gegaan. Met Ida bijvoorbeeld spreek ik afwisselend Engels en Spaans (ons voornemen is om tijdens de lessen publieke opinie enkel Spaans met elkaar te spreken, en dat zorgt af en toe wel voor wat hilarische situaties), en met Vadim zowat altijd Frans. Ik geniet er echt van om Frans te kunnen praten, zeker aangezien ik hoe langer hoe minder moet nadenken over mijn woordgebruik en de taal bijgevolg stilaan meer en meer 'een automatisme' wordt. Het wordt me hier in Mexico met de dag duidelijker dat we over het niveau op school wat talen betreft toch niet te klagen hebben in België (maar dan vooral in Vlaanderen). Weinig mensen die drie talen vrij degelijk beheersen, en dat is in mijn geval zeker een pluspunt aangezien ik zowat met iedereen kan communiceren en vrij veel mensen kan verstaan.

Na een uurtje rijden zette Nadia (de zus van het Duitse meisje) ons voor Nienkes deur af. Welgeteld tien seconden later kwam haar vader 'aangescheurd' op zijn brommertje, begroette ons hartelijk en bood ons onmiddellijk een 'cerveza' aan. Nienke toonde ons waar we zouden slapen, we lieten onze rugzakken achter en vertrokken richting het centrum van Ixtapan, waar Nienke ons een rondleiding zou geven. Bleek dat Nienkes oriëntatie nog vreselijker was dan de mijne, en dat ze na een maand Ixtapan nog altijd moeite had om de weg te vinden. Het stadje bleek echter wel 'hermoso' (prachtig) te zijn. Typisch Mexicaans, mooi kerkje, overal mensen en overal kraampjes waar je iets kon eten. Dat maakte het voor ons alleen maar moeilijker om te kiezen waar we gingen eten, maar aangezien Nienke dusdanig veel honger had (ze beweerde al 24 uur niet meer gegeten te hebben), besloten we dan maar om gewoon voor de traditionele, Mexicaanse taco's te gaan. Ik begin die taco's stilaan best wel lekker te vinden, maar ze moeten er niet aan denken om ze te bombarderen met groene, rode of weet ik veel welke - in mijn ogen veel te pikante - salsa. Over het eten overigens: in het algemeen kan ik het merendeel hier wel smaken, enkel 's avonds wordt het grote verschil wat voeding betreft tussen de Belgische en Mexicaanse cultuur duidelijk. Terwijl mijn vader gebruikelijk gewoon een kleine sandwich eet, en mijn moeder en zussen vaak zelfs niets (nuja, een glas melk), begin ik meestal uitgebreid eieren te bakken, met genoeg brood en liefst met kaas en hesp. Zij begrijpen niet hoe ik 's avonds zo zwaar kan eten, en beweren zelfs niet te kunnen slapen als ze bijvoorbeeld eieren eten voor het slapengaan. Het grote verschil hier is dat er normaalgezien rond drie à vier uur erg zwaar wordt gegeten, in tegenstelling tot bij ons in België.

Na lekker gegeten te hebben, merkte ik plots een kickertafel op in een soort 'Mexicaans lunapark'. Bleek dat die allesbehalve zoals in België was, in mijn ogen een grote teleurstelling, zodat ik mijn zoektocht naar een degelijke kickertafel in Mexico dapper verderzet. We slenterenden dan nog maar wat rond in Ixtapan (slenteren is het juiste woord, hoewel ik nog altijd niet gewoon ben aan het gemiddelde wandeltempo van de Mexicanen, ik verbaas me er soms over dat die niet omvervallen), en gingen terug naar Nienke haar thuis. Daar werden we begroet door haar moeder en zus, fristen we ons wat op en vertrokken vervolgens richting Tonatico, een deelgemeente van Ixtapan waar we hadden afgesproken met een aantal AFS'ers die ook in de buurt woonden, en met Nacho, een AFS-vrijwilliger. Zoals gewoonlijk in Mexico arriveerden zij anderhalf uur te laat, maar dat stoorde Vadim, Nienke en mij niet echt, aangezien we een anderhalf uur over de meest belachelijke dingen hadden gepraat en heel wat hadden afgelachen. Het enige probleem was dat Nienke haar Frans niet zo geweldig meer was, en dat Vadim nog minder woorden in het Nederlands kon zeggen (zijn woordenschat beperkt zich tot enkele woordjes die ik heb geleerd heb, zoals 'kakkerlak' en 'snottebel'). Tenslotte besloten we dat het het gemakkelijkste was als ik en Vadim gewoon Frans spraken, aangezien Nienke het merendeel daarvan wel verstond als we traag genoeg spraken, en dat ik alles wat zij wou zeggen op zijn beurt dan weer naar het Frans vertaalde.

Toen Nacho en de rest van het gezelschap uiteindelijk dan toch arriveerden, gingen we met z'n allen (Nienke, Vadim, twee Duitse jongens: Matthias en Holger, een jongen uit Thailand, Nacho, zijn nicht en een Mexicaanse vriend van hem) naar een ander cafeetje. Het zou een heel gezellige avond worden, het bier was naar Mexicaanse normen best nog wel te drinken, en we praatten honderduit over vanalles en nog wat. Ik kwam bijvoorbeeld te weten dat Mexicaanse jongeren verplicht legerdienst moeten doen na hun middelbaar, maar dat sommigen (Holger en Matthias) daar 'vanonder kunnen muizen' door zichzelf op te geven om sociaal werk in het buitenland te doen. Dit bleek echter enkel voor de beste studenten weggelegd te zijn.

Rond twee uur 's nachts namen we een taxi terug richting Ixtapan (en betaalden daar met z'n drieën de volle twintig peso's voor, omgerekend nog geen anderhalve euro). Na wat nagepraat te hebben, kropen we moe maar voldaan onder de wol.

De volgende ochtend stonden we op rond elf uur, en trokken we opnieuw richting het centrum van Ixtapan, waar we ontbeten en vervolgens met Nacho, Holger en Matthias een taxi naar 'Salto' - een soort avonturenpark in Tonatico - namen. Met zes in een niet al te grote taxi is anders ook wel iets dat je niet elke dag meemaakt, maar hier in Mexico is het de normaalste zaak van de wereld, net zoals een brommer met drie of meer mensen achterop. Plots realiseerde ik me dat ik mijn fototoestel in Nienke haar kamer vergeten was, en dat deed me behoorlijk balen. Het klinkt misschien wat overdreven, maar het foto's maken is een beetje een deel van mijn 'Mexico' geworden. Ik zie dit land letterlijk door een lens. Overal zie ik mogelijke foto's, en als ik dan geen camera bij me heb, werkt dat behoorlijk frustrerend.

Dat buiten beschouwing gelaten, was het er prachtig. Het 'park' zelf stond me niet zohard aan, maar we besloten te voet terug naar Tonatico te gaan. Het pad leidde ons een berg op, waar we de ruïne van een uitgebrande bezochten. Dat bleek wederom een ongelooflijk fotogenieke plaats te zijn, en Nienke haar 'kodakske' kon mijn drang naar foto's niet ongedaan maken, waardoor ik op mijn honger bleef zitten. Eén van de weken eens met mijn vader naar ginder trekken op zondagochtend is met andere woorden de boodschap.

In Tonatico bezochten we het plaatselijke kerkje, dat - net zoals alle kerkjes hier in Mexico - adembenemend mooi is. Overal bloemen, prachtige schilderijen en impressionante beelden. Die kerkjes, waarvan ik er hier al tientallen heb bezocht, doen mijn respect wat godsdienst betreft meer en meer opnieuw aangroeien. Rond half drie namen we opnieuw een taxi (ditmaal de volle 15 peso's!) richting Ixtapan, waar we om drie uur verwacht werden om te gaan eten bij een bevriende familie. Daar werden we voor de zoveelste keer hier in Mexico met open armen ontvangen. Bleek dat er barbecue op het menu stond, maar vooraleer het vlees werd klaargemaakt, opende Nienkes vader een grote fles 'Duvel' die Nienke uit België had meegebracht. Nadat ik hem duidelijk had gemaakt hoe je Duvel moest uitschenken in een glas, toasten we hartelijk op het Belgische bier, dat in het bijzonder Nienke, Vadim en ik heel hard smaakte.

Na gezellig gegeten, gedronken en gelachen te hebben, bracht Nienke ons naar de busterminal in Ixtapan, waar de bus richting Toluca zou passeren. Dat zijn hier overigens wel erg luxueuze bussen. Voor veertig peso's (drie euro) rijden die zowat heel Mexico door. Handig, zeker aangezien treinen hier enkel gebruikt worden voor goederenvervoer. In Toluca nam ik een taxi richting huis, nadat ik mijn zus had moeten bellen omdat zij aan de chauffeur moest uitleggen waar dat zich exact bevond. In Toluca centrum (waar we ons tweede huis hebben) begin ik mijn weg stilaan vrij goed te kennen, maar ons ander huis ligt buiten het centrum, op de grens tussen Metepec en Toluca. Ondertussen weet ik echter wel hoe ik in het Spaans moet duidelijk maken dat ik erheen wil, zodat ik geen tweede keer met hetzelfde probleem zal hebben te kampen.

En dat brengt mij hier, in een buitenwijkje van Toluca, waar ik ondertussen toch binnen ben gaan zitten omdat het hier 's avonds best wel fris begint te worden en omdat ik mijn zusje moest helpen met haar Engels. Ik hoop dat het kampvuur van de Chiro een even groot succes als vorige jaar was (of eventueel nog beter!), dat de regen niet teveel roet in het eten heeft gestrooid en dat iedereen morgen met goede moed aan het nieuwe universiteitsschooljaar begint, en er net zoals ik hier doe het beste van maakt.

Groetjes,

Klaas

Geen opmerkingen:

Een reactie posten